Paul Celan, een biografische schets

Bijgewerkt: mei 17



Paul Celan, een biografische schets


Honderd jaar geleden werd op 23 november 1920 in Czernowitz, het noordelijkste deel van het oude Oostenrijk, Paul Antschel geboren.


Zijn geboorteplaats huisvestte een grote joodse gemeenschap en was een plek van meerdere nationaliteiten, een multiculturele samenleving. Sinds 1875 had Czernowitz zelfs een universiteit. Hier ging Antschel naar school en deed hij in 1938 eindexamen. Hij groeide op in zijn vriendenkring, sprak veel talen en had talloze sociale contacten.

Na de beruchte Kristallnacht op 9 november 1938, vertrok Paul Antschel naar Tours in Frankrijk, waar hij tot juli 1939 medicijnen studeerde. In die periode was de stad afwisselend in handen van Roemenië, Rusland en vanaf 1941 werd Tours door de Duitsers bezet. Naast plundering en brandstichting begonnen in dat jaar ook de deportaties en liquidaties van de joodse bevolking. Tijdens die oorlogsperiode werd Paul bij dwangarbeid ingezet en maakte hij deel uit van een arbeidsbataljon in de wegenbouw. Zijn beide ouders werden gedeporteerd en vervolgens in 1942 in een concentratiekamp vermoord. In februari 1944 hoorde hij pas van de moord op zijn ouders, een wond die hem zijn leven lang bleef achtervolgen.

In april 1945 vertrok Paul Antschel naar Boekarest, veranderde zijn geboortenaam in Ancel, wat iets later werd omgezet in Celan. In die fase ontstonden zijn vroege gedichten en publicaties, waaronder het wereldberoemde gedicht: Die Todesfuge (toen nog in het Roemeens als

Tangoul Mortii).

In een winterse voettocht vertrok hij vanuit Boekarest naar Wenen, waar onder andere het contact ontstond met de jonge Oostenrijkse schrijfster Ingeborg Bachmann en waar Celans vroegste Duitstalige bundel: Der Sand aus den Urnen, verscheen. In het voorjaar van 1948 vertrok hij naar Parijs, de plek waar hij tot aan zijn dood in 1970 heeft gewoond.

Paul Celan geldt als een van allerbelangrijkste Duitse dichters van na de Tweede Wereldoorlog, alhoewel hij daar nooit heeft gewoond. Na zijn zelfmoord in 1970 in Parijs werd hij begraven met op de grafsteen de aanduiding: Poète Autrichien, een Oostenrijks dichter.

Celan heeft zeker een uitermate moeilijk en bewogen leven gehad. Hij geldt als een moeilijke, ontoegankelijke auteur, die een weerbarstig en raadselachtig oeuvre heeft gepubliceerd van zo'n acht bekende gedichtbundels.

De grote uitgave van zijn werk: Paul Celan, Die Gedichte. Kommentierte Gesamtausgabe in einem Band, Suhrkamp, 2005, begint met de teksten op pag. 13 tot 345, waarna nog veel teksten uit zijn nalatenschap en ontwerpen volgen tot pagina 557, kortom, een indrukwekkend oeuvre , nog afgezien van de vele vertalingen, die hij in de lange Parijse periode tot stand heeft gebracht.

Vanaf de vroege doorbraak in Duitsland bij een bijeenkomst van de toen belangrijke, naoorlogse Gruppe 47, in 1952, heeft Celan terecht heel veel aandacht gehad in de Europese literatuur.

Bijvoorbeeld is vrijwel alles van hem ook in ons land in vertaling beschikbaar. Celan trouwde in 1952 met Gisèle Lestrange, die in 1991 overleed. Hun zoon Eric is sindsdien degene die over zijn grote nalatenschap waakt en deze ook toegankelijk heeft gemaakt door het laten uitgeven van talloze edities van zijn brieven en publicaties.

Tijdens zijn korte leven beschikte Celan over een indrukwekkend netwerk van vrienden, bewonderaars, contacten met andere joodse auteurs, met beroemde literatuurwetenschappers, maar hij heeft ook heel ernstig geleden onder het verwijt van plagiaat door Clair Goll, waardoor hij in zijn laatste levensjaren moest worden opgenomen in psychiatrische klinieken.

Ik ken nauwelijks een dichter, die zo indrukwekkend vorm heeft gegeven aan vertwijfeling, aan Shoah, aan de verbinding tussen Duitsers en joden, aan het lijden van het joodse volk sinds de moord op zijn ouders. Het zijn heel vaak bijna bijbelse klaagzangen zoals bij Jeremias, veelduidig, radicaal. Het vereist veel van de lezer, door al die toespelingen en verwijzingen, maar hij heeft zijn leven lang een weg gezocht uit die vertwijfeling,hij heeft geprobeerd om met zijn gedichten te overleven. Als er een schrijver is, die de bekende uitspraak van de Duitse filosoof, Theodor Adorno, dat het schrijven van gedichten na Auschwitz barbaars is, heeft weerlegd, dan is dat voor mij wel Paul Celan.

Zijn zelfmoord in de Seine bij de Pont Mirabeau, waarschijnlijk op 20 april 1970, is dit jaar al weer vijftig jaar geleden. Hij werd pas op 1 mei gevonden waarna de begrafenis in Thiais op 12 mei volgde.

Het leek mij passend deze dichter, die zijn leven lang de doden heeft herdacht, hier, vijftig jaar na zijn dood en honderd jaar na zijn geboorte, heel kort te herdenken.

Karel Hupperetz


22 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven